Archive for the 'Zen/Ch’an' Category

Nieuwe uitleg van wat ‘shou zhong’ betekent

2 juni 2015

Ik heb een nieuwe uitleg geschreven van wat shou zhong betekent. Je vindt hem hier.

boek over zen gewonnen

9 augustus 2014

Vandaag ontvangen: een leuk boek, gewonnen bij een Twitterwedstrijd van het Boeddhistisch Dagblad. Zie hier voor het artikel hierover in het Boeddhistisch Dagblad.

10583953_10203419507741115_685036841484390516_n

Toespraak André van der Braak

16 februari 2014

Vandaag geluisterd naar een prachtige, inspirerende, heldere toespraak van André van der Braak, zenleraar in de traditie van Ton Lathouwers en Niko Tydeman, over meditatie, verlichting, loslaten, groot en klein mededogen. Hieronder de link naar de toespraak:

http://www.mahakarunachan.be/wp-content/uploads/Andre-Groningen.mp3

Murakami over 1q84

6 maart 2011

Voor de liefhebbers van Haruki Murakami: op TussenpoZen (lifelog van een doofblinde vrouw) kwam ik een link tegen naar een artikel van Murakami over zijn boek 1q84. De moeite van het lezen waard.  De lifelog van Marloes Lasker zelf (TussenpoZen) is trouwens ook de moeite van het lezen waard.

Gooien!

22 augustus 2010

(verbeterde versie)

Het zal zo’n veertig jaar geleden zijn. We woonden in Oss, in het katholieke zuiden. Ik was een jaar of 10 en zat op de Rooms-Katholieke lagere school St. Gerardus Majella. In die tijd ging je na school altijd eerst thuis thee drinken (met één koekje). Vervolgens werd je naar buiten gestuurd om te gaan spelen, zin of geen zin.

Tegenover ons huis stond een voor ons wat vreemde lagere school: School 1940-1945, een openbare school. In de volksmond was dat de protestantse school (als je niet katholiek was, moest je immers wel protestant zijn).

Ik herinner me nog dat het winter was. Er lag een flink pak sneeuw. We maakten sneeuwhutten rond het schoolplein en sneeuwmuurtjes waarachter je je kon verschuilen. En dan maar wachten tot ze naar buiten kwamen.

“Ja, daar komen ze! Gooien!” 

Sneeuwballen gooien tegen de protestanten heette dat ‘spelletje’. Dat deden we niet omdat ze protestant waren of omdat ze ons wat gedaan hadden: we kenden hen niet en er was ons ook niet verteld dat protestanten slecht waren. De meeste ‘protestanten’ woonden niet in onze buurt, het waren vreemden voor ons, maar ze hoefden nou ook weer niet weg. Ik kan me niet herinneren dat we een speciale reden hadden om juist hén aan te vallen. 

Misschien was het ‘alleen maar’ omdat wij wij waren en zij zij.

In het boek Mens tegen alles in las ik dat de schrijver ervan, Frederick Franck, zoiets zag als een uiting van het ‘dierlijke’ in de mens. Iets dat je moet leren ontstijgen door het ontwikkelen van de volgens hem typisch ‘menselijke’ eigenschappen empathie en mededogen.

woeste winterwind –
de ligusterhaag neemt
mussen in zich op

In het diepste duister… (Haruki Murakami)

16 juli 2010

Ton Lathouwers heeft het in zijn zen-toespraken vaak over de bodem, het bodemloze in ons bestaan. Hij heeft het dan over ‘de bodem van de wanhoop, de totale uitzichtloosheid’. En hij wijst op het vertrouwen dat dan kan ontstaan, dat je daaruit kunt komen. Hij zegt dan:

‘Geloof, vertrouwen, is iets wat op de bodem van de diepste twijfel oprijst’.

Wat hij daarbij volgens mij bedoelt te zeggen is dan ook: Vaak zal niets wat je aan bedachte oplossingen probeert, helpen om je daaruit te halen. Maar tegen beter weten in, kun je erop vertrouwen dat een oplossing zich zal aandienen.

Van een collega kreeg ik de roman ‘Norwegian Wood’ van Haruki Murakami. Een intrigerend boek, van een nog intrigerender schrijver. Tegen het einde van dat boek kwam ik over het bovenstaande een mooie uitspraak tegen:

‘If you’re in pitch blackness,
all you can do is sit tight and wait until your eyes get used to the dark’

‘In het diepste duister,
kun je het beste maar stilzitten
en wachten tot je ogen gewend zijn aan het donker.’

Dostojevski (haibun)

12 december 2009

Station Delft, donderdag 6 december, tien over vijf ‘s middags.

Met nog twee reizigers zit ik op een bankje te wachten op de trein van kwart over vijf. Via de oordopjes van mijn MP3-speler hoor ik een zentoespraak, een teisho van Ton Lathouwers: “Gebed van alle noden – geven”:

hoe kan ik een ander in nood wezenlijk helpen als ik onmachtig ben, als ik weet dat het een druppel op een gloeiende plaat is, als ik weet dat het ontoereikend is

Een vrouw met een donker, doorleefd gezicht, een capuchon op en een paar geelbruine tanden komt zacht jammerend op ons toegelopen. Nauwelijks verstaanbaar vraagt ze aan de reizigers naast me of zij op het bankje mag zitten. Zonder op een antwoord te wachten perst ze zich tussen hen in, maar de twee laten dat niet toe: “Nee, wij zitten hier al”.

Met jammerende stem komt de vrouw op mij toegelopen en vraagt of ik haar kan helpen. Ik voel me ongemakkelijk, maar wil haar als ieder ander te woord staan. Ik kijk haar aan en vraag hoe ik haar zou kunnen helpen. “Met veertig cent”.

de zwerfster
krijgt van mij geen cent –  ikzelf
krijg wroeging

Mijn gevoel, of is het mijn irritatie, zegt me dat dit goed is: geld geven heeft geen zin. Een ander gevoel zegt me dat niets doen ook geen optie is, dat ik er zo gemakkelijk niet mee weg kom.

Via mijn oordopjes gaat de teisho verder:

bij Dostojevski was de ommekeer dat hoewel hij uiteindelijk machteloos was, hij zoals dat in de hartsutra staat, tegen alle muren en grenzen in dat diepe, menselijkerwijs onmogelijke vertrouwen had om toch een stap te zetten, toch te handelen. En voor hem was dat schrijven, getuigenis afleggen…

(deze haibun is eerder verschenen in het Nederlands-Vlaams haiku-tijdschrift Vuursteen)

Ch’an?

11 december 2009

Katholiek?

Hoewel ik katholiek ben opgevoed, geloof ik niet dat ik me nog echt katholiek mag noemen. De symboliek in het katholicisme raakt me nog wel op een of andere manier, maar ik ben bang dat dat toch vooral nostalgie is. Maar een beetje spirituele inslag heb ik denk ik wel.

Oosterse wijsheid

Uit de wijsheid van de  Daoistische klassiekers (Daodejing, Zhuangzi, Liezi) haal ik veel inspiratie voor mijn dagelijkse leven en voor mij is mijn taiji-beoefening tot op zekere hoogte een daoistische oefening.

Het mahayanaboeddhisme inspireert me vanwege het feit dat het mededogen daar zo centraal staat.

Ch’an-boeddhisme komt voort uit een mengeling van het Chinese daoisme en het Indiase boeddhisme. Later is dat in Japan Zen-boeddhisme gaan heten.

Ton Lathouwers

In Nederland inspireert de Ch’anleraar Ton Lathouwers me. Ik luister graag naar zijn toespraken (via MP3’s op het internet) en lees zijn boeken. Bij mijn promotie had ik een stelling die geïnspireerd was op Hisamatsu’s fundamentele koan waar hij het vaak over heeft.  Ik ben nu zelfs Dostojevski’s dikke pil ‘de broers Karamazov’ aan het lezen ben (ik lees bijna nooit proza!). Voor Ton is Dostojevski een inspiratie-bron. Zenmeester Hisamatsu noemt Dostojevski’s boek een van de beste zen-boeken die er bestaan (hoewel het niet als zodanig geschreven is).

Overigens heb ik Ton Lathouwers nog nooit gesproken en ben ik ook niet bij hem in de leer. Maar ik leer veel van hem. Wie weet volg ik binnenkort eens een sesshin bij hem.